The Pirates of Penzance

 

Home
Algemeen
Nieuws
Huurmateriaal
Huurvoorwaarden
Partituren
Moderne vertalingen
Contactgegevens

 

Oorspronkelijke titel   The Pirates of Penzance or The Slave of Duty
Nederlandse titel   De Piraten van Penzance of Plicht is Plicht
Componist   Sir Arthur Sullivan (1842 - 1900)
Tekstdichter   William S. Gilbert (1836 - 1911)
Vertaling   Gerard Knoppers
Genre   Light opera (komische opera)
Première   30 december 1879, Paignton, Bijou Theatre
31 december 1879 New York, Fifth Avenue Theatre
Tijd van handeling   Omstreeks 1880.
Plaats van handeling   Eerste bedrijf: aan de rotsachtige kust van Cornwall
Tweede bedrijf: de ruïne van een kapel bij maanlicht
Belangrijkste rollen  
Generaal Stanley bariton
Richard, kaperkapitein bas
Frederic tenor
Edward, brigadier bas-bariton of 2e tenor
Mabel sopraan
Ruth alt
Kooraandeel   Veel koor.
Orkestbezetting   2 fluit, 1 hobo, 2 klarinet, 1 fagot, 2 hoorn, 2 trompet, 2 trombone, pauken/ slagwerk, strijkers.
Bijzondere eisen   In het eerste bedrijf zijn alle mannen van het koor piraten; in het tweede bedrijf is het mannenkoor gesplitst in politieagenten (bassen en baritons) en piraten (tenoren).
Partituur en orkestmateriaal   Leverbaar.
Moeilijkheidsgraad   Niet moeilijk.
Duur   Twee bedrijven, totale duur: ongeveer 2 uur.
Muziek   Meteen de ouverture al overtuigt de hoorder van het meesterschap van componist Arthur Sullivan. Elegante muziek, vakkundig en smaakvol georkestreerd. Het koor heeft heel veel te zingen. Een van de hoogtepunten is het a-capellakoor "Hoog prijzen wij de poëzie." Prachtige duetten en terzetten, fantastische finales, een virtuoze "pattersong" voor de generaal, coloraturen voor Mabel, lyrisch werk voor Frederic, een fikse rol voor een alt (de kombuismeid Ruth), een koddig lied voor de brigadier, kortom, een juweel van een stuk, dat ideaal is voor amateurgezelschappen.
Verhaal  

De dochters van een generaal worden bij het pootjebaden overvallen door piraten. Gelukkig verschijnt de generaal zelf. Hij weet zijn dochters voor onheil te behoeden door te verklaren dat hij een wees is. Het is namelijk algemeen bekend dat deze piraten nooit een wees kwaad doen, omdat ze zelf allemaal ook wees zijn. Alleen Mabel, de mooiste dochter, besluit met een van de piraten te trouwen, de 21-jarige Frederic. In het tweede bedrijf moet de politie de piraten gaan vangen, onder aanvoering van Frederic, die besloten heeft de piraterij vaarwel te zeggen. De kaperkapitein en de kombuismeid Ruth komen hem echter meedelen dat hij zal moeten wachten tot zijn letterlijke meerderjarigheid: hij is namelijk op 29 februari geboren. De plichtsgetrouwe jongeman gaat nu weer vechten aan de zijde van zijn vroegere kameraden. De politieagenten worden overmeesterd door de zeerovers. Maar dan sommeren de dienders de piraten zich over te geven "in naam der koningin". Onmiddellijk geven de onverlaten zich over. Gelukkig komt de kombuismeid dan met een opzienbarende onthulling, waardoor alle dames met alle heren kunnen trouwen.

Kostumering   Heren: piraten en politieagenten. Dames: één kostuum (dames uit de betere stand).